De grootste gids naar slotenmaker Beernem

Tot slot ontdekken we met deze kant over dit Noordeinde, vlakbij een Haagpoort, alsnog ons gevelsteen in het huis van schoenmaker Hendrick Gerritsz.

Antwoorden Het is ons must, Den Helder bezit dringend cultuur nodig, wat valt daar alsnog aan na te denken eenvoudig verrichten.

[Soutendam begint op deze plaats alweer opnieuw en noemt de eerder overgeslagen huisnamen  betreffende huizen welke tussen de 1e twee genoemde brouwerijen de Weerelt en een Pauw stonden.]

Vier huizen nader bezat Jacob ‘de Stadsboode’ ons appartement met 3 haardsteden. Evenals de Schoutendienaars had deze het nuttig en benodigd geacht dicht bij het Stadhuis bestaan tunneltent op te slaan, daar hij ons groot deel van bestaan leven doorbracht in dienst met Burgemeesteren en Regeerders der Plaats.

In ‘een nieuwe buyert (omgeving) in t Rietveld’ was een zekere Servaes Boesman gevestigd in ons huis met een haardstede.

Een daarvan bewoonde hij zelf, betreffende 4 haardsteden en twee eesten; het verschillende verhuurde deze met ons ‘linde­lakencoopster’. Ons derde, op een hoek betreffende de Hippolytusbuurt, was tevens zijn eigendom.

Uit ons stroom betreffende gelekte onthullingen in een media vormt zich meteen een sterke indruk, dat het Rob Scholte Museum ongewild en zeer onterecht de speelbal is geworden aangaande de ambities en machtspolitiek met de verantwoordelijke wethouders, die bovendien hun pijlen in persoonlijke zin richten op de kunstenaar alleen, Rob Scholte, en in een social media ook misplaatste grappen maken aan diens invaliditeit.

Johannes tot patroon verkozen werd “mits een speciale bruidegom der maagden zijnde”. In het jaar 1379 werd een omvangrijke poort met 't Oude Delft gebouwd en allemaal met muren afgesloten.

Naast de brandewijnstoker woonde een pasteibakker, die met een paar ovens werkte. Aansluitend wederom ons koekbakker, de 2e in welke buurt. Nader nog een lakenbereider ofwel drapenier, die ons Delfse industrie uitoefende, waarvan de laatste sporen enige jaren geleden zijn verdwenen.

Ongeveer honderd Delftenaren lieten bij een ontploffing dit leven, waaronder de bekende schilder Carel Fabricius,. Tweehonderd huizen in de omstreken werden totaal verwoest en driehonderd zwaar weerbarstig. Dit gebied werd compleet opnieuw ingericht, waarbij tevens de huidige Paardenmarkt ontstond.]

over der Burch oefenden tevens hun nering aan het Antieke Delft uit. Een laatste was brouwer ‘Inde Chimbel’ of ‘Ros-bel’ (een korte schel of bel bijvoorbeeld daar bijvoorbeeld aan ons narren- of arrentuig is tot uw beschikking).

Eindelijk vertoont zich in de gevel van het derde huis vanwege een hoek ons stralende zonlicht en draagt het dan ook een titel ‘Inde Sonne’, bij die benaming dit in mijn jeugd (dus omstreeks 1850) alsnog bekend was.

Bestaan naastwonende, overeenkomstig het register ‘capiteyn Peuckee’, had in huur dit woonhuis, op welks gevelsteen het instrument was afgebeeld, onder een  mannen aangaande dit vak wanneer ‘Spijckerboor’ of ‘Nagelboor’ vertrouwd.

Voor de overigen, die hetzij beter ogen op een maatschappelijke ladder, hetzij beho­ren tot degenen die via hun ergerlijk misbruik met deze gebeurtenis de philantropen daar toe slotenmaker Mortsel bezorgen om een zaak alleen op te heffen, vormt het niets uit ofwel ‘ons cruciaal kwaad’ (meteen een kermis is genoemd) al of niet haar bestaan rekt, aangezien vanwege hen de gelegen­heid tot genot en tijdverdrijf overeenkomstig hun ontwikkeling en behoefte overal en ten allen tijde openstaat.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *